Archive for maart, 2011
Na een heerlijke nachtrust die we echt wel even nodig hadden start dag 2 van ons avontuur. Vandaag staat op het programma: Het bezoeken van de jeugd in hun eigen leefomgeving en vanavond het grote gala waarbij wij de winnaars zullen kiezen.
Om 9 uur worden we weer opgehaald door Peter en Jamy. Vandaag zal een indrukwekkende dag worden omdat we vandaag echt de deelnemers van de Challenge gaan ontmoeten in hun eigen leefomgeving. Voordat we weggaan nog even een goed ontbijtje, want we hebben al gemerkt dat door alle indrukken het eten er nog wel eens bij inschiet.
Woensdagavond 9 februari jl. was het dan zover. Lisanne en ik zijn die avond vertrokken naar het verre Nairobi in Kenya. Na een lange vlucht van ruim 8 uur landen we die donderdag om Nederlandse tijd 5.30 uur, lokale tijd Nairobi 7.30 uur. De hele nacht niet geslapen dus niet geheel fit starten we ons Kenya avontuur!
Het is prachtig weer, de zon schijnt en we worden hartelijk ontvangen door Jamy Goewie,de directrice en medeoprichtster van Child at Venture. Zij is ons enkele dagen eerder al voorgegaan met collega Lenka. Onze chauffeur voor de komende 3 dagen, Peter een uiterst vrolijke en vriendelijke Afrikaan, staat ons met zijn auto op te wachten.
Als ik denk aan verantwoordelijkheid dan hoef ik niet te denken. Het zit in mij als een automatisme zoals autorijden, douchen of eten! Iets dat je dagelijks doet en waar je totaal niet bij stilstaat. Het is een verantwoordelijkheid om goed voor je partner,kinderen, je huisdieren en je werk te zorgen. Het is ook een verantwoordelijkheid om mensen te helpen als ze in nood zijn. Mensen te steunen in barre tijden maar ook in vrolijke tijden. En zo kan ik er nog heel veel op noemen.
Voor mij zijn deze verantwoordelijkheden een en dezelfde en ik ervaar het als een groot goed! Hoe breng je dat over op een ander? Ik heb werkelijk geen idee want hoe breng je iets over dat zo vanzelfsprekend is. Toch ben ik er eens over gaan nadenken omdat mij deze vraag onlangs is voorgelegd.
Ik heb er nog één. Zo’n dikke papieren agenda. Met leren kaft. Lekker groot en minstens een pond zwaar. Ik word tegenwoordig een beetje meewarig aangekeken als tijdens een vergadering een vervolgafspraak moet worden gemaakt. Snelle digitale agenda’s in pocketformaat worden voor de dag gehaald. En ik leg mijn encyclopedie model op tafel. “Ach gut….het digitale tijdperk is aan mevrouw voorbij gegaan.” Niet echt, maar zo’n digitale agenda hoef ik niet. Ik wil krabbelen. Op papier. Gedachten en ideeën formuleren. Met een gewone ouderwetse pen. Daar voel ik iets bij. Meer dan bij een kil touch screen.
Als ik dit opschrijf, moet ik denken aan Sylvia Toth. Zakenvrouw en voormalig directeur/ oprichter van Content Uitzendbureau. Eén van de grootste uitzendorganisaties op administratief gebied. In een vorig leven was ik één van haar medewerkers. Vestigingsmanager op de Biltstraat in Utrecht. Ook wel de uitzendboulevard genoemd. Ik werkte daar in een tijdperk dat computers een ruimschoots erkend onderdeel waren van elke bedrijfsvoering. Zo ook bij de collega uitzendbureaus om ons heen, die dagelijks zeer efficiënt per computer de juiste persoon bij de juiste vacature combineerden. Professioneel en succesvol in ieders ogen. Maar niet volgens mevrouw Toth. Het imago van Content was geënt op persoonlijkheid en betrokkenheid met de klanten: de jobzoekers en opdrachtgevers. Het persoonlijk contact was belangrijk. Wij moesten voelen, proeven wat voor vlees wij in de kuip hadden. Alleen dan konden we de juiste persoon uitzenden. Dus wij schreven alles op persoonskaarten en voor de binnengekomen vacatures ploeterden we keer op keer kaartenbak na kaartenbak door naar de juiste persoon. Computers waren onpersoonlijk. De mens werd in de computer een nummer en konden we dus nooit goed matchen. Het moet voor onze concurrenten toch een hilarisch gezicht zijn geweest soms. Met onze knietjes op de grond en stapels vacaturekaarten en persoonsprofielen voor ons. Als een soort Memory-spel.
Mijn collega, Antoinette Wessels, schreef er al over; “je durft vandaag de dag bijna niet te vertellen dat je bij een serviceprovider werkt”- ik kan me een negatieve houding ten opzichte van service providers wel voorstellen. Je zou maar bij serviceprovider aangesloten zijn geweest, vervolgens meeverhuisd zijn naar een andere serviceprovider en dan krijg je doodleuk te horen dat dit ook weer eindigt… Tja dan vind je het niet meer leuk en moet je ook nog afwachten of je alle provisies krijgt uitbetaald.
Ik loop al wat jaartjes mee in serviceprovider- en franchise land. Alles wat tot voor een paar jaar geleden gewoon was, is niet meer. Door wet- en regelgeving en de kredietcrisis is de markt enorm veranderd en verandert nog steeds.
Waar het eindigt, weet ik niet en ik durf me ook nog niet aan een voorspelling te wagen..wat ik wel zeker weet is dat wij als FlexFront Service Partner toegevoegde waarde bieden! Dat brengt me weer terug naar de titel: “toegevoegde waarde of noodzakelijk kwaad?”
Nederland is in nood! Wat is er dan aan de hand, hoor ik u denken. Een watersnoodramp? Een terroristische aanslag of opnieuw brand in een chemiebedrijf? Nee, niets van dat alles. Maar wat dan wel? Hoewel u inderdaad geen sirenes hoort, voltrekt zich “as we speak” wel degelijk een ramp van nationale proportie. De woningmarkt gaat namelijk ten onder! Niet door natuur- of ander geweld, maar door de arrogante houding van banken en mismanagement van overheid- en woninginstanties.
Wist u dat er anno 2011 nog geen enkele hypotheekoplossing bestaat voor de meer dan 700.000 ZZP’ers die ons land telt? En dat terwijl de Nederlandse woningmarkt voor meer dan de helft uit koopwoningen bestaat. Ook starters krijgen nauwelijks een voet aan de grond door de steeds strenger wordende criteria. Het gevolg hiervan is dat de doorstroming stokt, waardoor de hele markt stagneert. En of dat nog niet erg genoeg is, wordt ook de hervorming van de woningmarkt, inclusief de huurmarkt, niet aangepakt.